Music
- Ismaley Oriental Fantasy: lgeOrch (12min)
- Octet in c minor
- Overture on the Themes of Three Russian Folk Songs: Orch (8min)
- Tamara: symphonic poem lgeOrch (22min)
Life
[in Dutch]
Mily Alexejewitsj Balakiref
Balakiref is geboren op 2 januari 1837 te Nisjni Nowgorod en overleden op 28 mei 1920 te St. Petersburg. Hij studeerde eerst in de natuurwetenschappen te Kasan, maar wijdde zich later aan de muziek en heeft aan het hoofd gestaan van het ‘Machtige Hoopje’, waarvan zijn medeleden waren: Borodin, Moessorgsky, Cui en Rimsky-Korssakof. Zijn talent was buitengewoon. Als pianist heeft hij zich ontwikkeld tot een aanzienlijke hoogte. Glinka bewonderde zijn pianospel.
Het ‘Machtige Hoopje’ stond onder zijn invloed, m.a.w. hij deelde de lakens uit. Zijn ideeën wist hij op despotische wijze zijn medeleden op te dringen, ja zelfs Tjaikofsky gaf hij vele aanwijzingen, b.v. hoe hij zijn symphonisch gedicht ‘Manfred’, op. 58, en de fantasia-ouverture ‘Romeo & Juliet’ moest componeren. Een levendige briefwisseling is er tussen hem en Tsjaikofsky gevoerd. Deze brieven zijn later in 1912 in het russisch uitgegeven door Ljapoenof. Ook was hij leider van de Jong-Russische school; later stichtte hij met Lomakin de ‘Vrije school’ voor muziek.
Hij was een man met bedenkelijke ideeën, die niet aanbevelenswaardig waren. Hij raadde o.a. Rimsky-Korssakof aan, dat hij niets behoefde te leren. Wanneer deze zijn raad had opgevolgd, zou er niets van hem terecht gekomen zijn. Hij was lui, dientengevolge kon hij zijn enorm talent niet voldoende ontplooien. Aan één symphonie heeft hij veertig jaar gewerkt. In den beginne was hij ongondsdienstig, daarna is hij plotseling devoot geworden, ging veel naar de kerk, vastte veel en aanbad allerlei reliquieën. Met Moessorgsky speelde hij gaarne quatre-mains, werken van Beethoven, Schumann en Schubert; buitendien analyseerde hij regelmatig de voorgedragen werken, wat hij met buitengewone intelligentie deed.
Voor orkest heeft hij goede werken geschreven, o.a. de symphonische gedichten ‘Tamara’ (een kleurrijk stuk), ‘King Lear’, een Spaanse, Tsjechische en een Russische Ouverture en twee symphonieën. Toch was hij als klaviercomponist belangrijker. Zijn ‘Islamy Fantasie’ is wereldberoemd. Liszt speelde haar met voorliefde; het is een der moeilijkste stukken uit het pianorepertoire. Hij heeft een schitterende pianostijl. Zijn beste pianowerk is zijn sonate, waarin veel aan Moessorgsky herinnert en hij in het laatste deel Skriabin de weg wijst. Zeer ten onrechte wordt hij wel eens met de naam van saloncomponist betiteld; dat weerleggen zijn ernstige orkest- en pianocomposities. Met voorliefde ontwikkelde hij in zijn werken het Russische en Oosterse melos, dat hij met scherpe en donker gekleurde harmonieën, op de manier van Schumann en Liszt, verbond met een zeer bijzondere, aparte, karakteristieke klavierstijl. Hij was een goed kenner van het Russische volkslied en verzamelde vele liederen. Hij leidde de concerten van de ‘Vrije school’ en dirigeerde de concerten van de keizerlijke muziekvereniging; tevens stond hij jaren aan het hoofd van de keizerlijke hofkapel. Op deze concerten dirigeerde hij vele composities van Tsjaikofsky. Het symphonisch gedicht ‘Fatum’ heeft Tsjaikofsky aan hem opgedragen. Het werk beviel Balakiref niet, het was hem niet doordacht genoeg en te vluchtig gecomponeerd. Balakiref paste in zijn composities de nationale, romantische geest toe, hierin was hij beslister en volhardender dan zijn voorgangers of tijdgenoten. Hij beperkte zich niet alleen tot de muziek van zijn eigen land, maar zijn belangstelling ging ook uit naar andere volksmuziek. Hij schreef een Spaanse Ouverture, waarin hij Spaanse volksliederen bewerkte en naar Oosterse stijl de ‘Islamy Fantasie’ en het symphonisch gedicht ‘Tamara’.
(Contribution by Joop Bluemink <joop.bluemink
sympatico.ca>.)
Musicatlas




